TS-Depot Scheveningen
Restauratie van NZH- en HTM-trams
De werkgroep Scheveningen van de Tramweg Stichting bestaat vanaf 1982 en is sinds 1996 gevestigd in de voormalige pekelremise van de HTM-remise Scheveningen aan de Harstenhoekstraat. Er staat ook materieel in de HTM-remise Zichtenburg. De groep restaureert onder meer historische trams van de HTM en de NZH. Verder verleent de groep onderdak en medewerking aan de restauratie van trams door de Stichting Tramwerk, waaronder de Amsterdamse GTr 307 en de Union-tweeramer HTM2/GTr72. Ook de Utrechtse paardentram 28 wordt hier hersteld.
Eén van de Scheveningse pronkstukken is het 'Haarlemse' tramstel NZH A327 met bijwagen B303. De combinatie wordt geregeld ingezet voor bijzondere ritten. Hier staan de Haarlemmers klaar op 's-Gravenmade in Rijswijk voor een ritje naar 'Heemstede'.
Geschiedenis van de werkgroep Scheveningen
Foto: Johan Blok
Op 2 oktober 1982 werd aan de Kranenburgerweg/Zeesluisweg, in de Scheveningse Haven, het nieuwe TS-depot Scheveningen geopend. Het was geen museum, maar een romneyloods waar gewerkt werd o.a. aan de voormalige Blauwe Tram-wagen NZH A 106, en de replica van HTM-aanhangrijtuig 905 (nu in het Haags Openbaar Vervoermuseum). In de loods lagen twee sporen, voor elke maatschappij één. Op het HTM-spoor hebben onder meer gestaan de elektrische goederentreinlocomotief H52, het motorrijtuig 805 - de latere replica-bijwagen 905, en bovenleiding-montagewagen H42 - de vroegere HTM 77.
Op het NZH-spoor werd gewerkt aan de Amsterdamse aanhangwagen GVB 766, die werd verbouwd in de stijl van de NZH-aanhangrijtuigen B31-B36. Zodoende ontstond de TS B37, als volgwagen voor de NZH A327. Verder stond op het NZH-spoor de motorwagen A 106 en delen van aanhangrijtuig B303. Ook de kop van H.T.M.-buitenlijnmotorrijtuig 1 is er een paar dagen te gast geweest.
Voorgeschiedenis: Rotterdam en Voorburg
Maar daarmee begon het niet. In Rotterdam was al in 1968 een werkgroep Delfshaven opgericht die de NZH-wagen A 327 restaureerde; die wagen verhuisde op 20 juli 1983 naar Den Haag. En in een voorstad van Den Haag begon de werkgroep Voorburg aan de wederopbouw van Budapester-stuurstandrijtuig NZH B 412. Die wagen keerde uiteindelijk terug naar zijn oude thuis: het NZH-vervoersmuseum in Haarlem. De werkgroepen Delfshaven en Voorburg zijn te beschouwen als de voorvaderen van de werkgroep Scheveningen.
Tijdelijk naar remise Frans Halsstraat
Na een verblijf van tien jaar in de loods aan de Scheveningse Haven moest de werkgroep wegens nieuwbouwplannen omzien naar andere huisvesting. De HTM bood drie sporen aan op het buitenterrein van de toen nieuwe remise Zichtenburg, maar moest dat ijlings terugtrekken wegens een dreigend ruimtegebrek. In plaats daarvan mocht de TS in 1993 haar intrek nemen op drie sporen in de remise Frans Halsstraat, die later volledig een museumbestemming kreeg, als Haags Openbaar-Vervoermuseum. De NZH A327 stond trouwens al vanaf haar komst in 1983 in die remise; de restauratieloods in de zoute zeelucht was geen ideaal adres voor dit museumstuk. Bovendien was het rijtuig al 'af'.
Terug naar Scheveningen
Foto: Piet Beugelsdijk
In 1996 zat de HTM zelf dringend verlegen om stallingsruimte in de remise Frans Halsstraat, o.a. voor haar eigen bijzondere voertuigen voor de verhuur (de partytram, een tram uit Kassel, een 800/750-'lijn elf'-stel). Daarom bood de Haagse vervoersmaatschappij aan de TS de oude pekelruimte van de remise in Scheveningen aan. In oktober 1996 werd die ruimte in gebruik genomen. In tegenstelling tot de eerdere vestiging heeft de pekelremise een spooraansluiting op het HTM-net, die regelmatig wordt benut.
Inmiddels kreeg de TS alsnog gastvrijheid bij de remise Zichtenburg; van die extra ruimte wordt dankbaar gebruik gemaakt door enkele TS-werkwagens. Ook kan er dankzij de HTM regelmatig aan TS-voertuigen gewerkt worden in de voormalige Centrale Werkplaats aan de Lijsterbesstraat.
Het Spoorwegmuseum droeg twee Utrechtse trams over aan de TS. Paardentram 28 wordt in Scheveningen gerestaureerd.

